Cursus bij aankoop spiegelreflex-camera kosten van de cursus €59. 
Wat zijn de voordelen van een spiegelreflex camera t.o.v. een compactcamera en vooral ook, hoe stellen we deze optimaal in?
Een inleiding over sluitertijd, diafragma, groothoek en teleobjectief. Wat is scherptediepte, hoe stellen we de witbalans in…
Zo leert u binnen mum van tijd alles over het gebruik van uw eigen spiegelreflexcamera. De digitale spiegelreflex.
Na een tijdje dubben toch maar overstag gegaan en een digitale spiegelreflex aangeschaft! Gefeliciteerd, maar je wilt natuurlijk het maximale uit je camera halen en dat doe je niet altijd door simpelweg voor de “P”-stand of de “Groene stand” te kiezen. Een paar punten die behandeld worden in deze cursus zijn onder meer:
Cursus bij aankoop digitale compact-camera Kosten van de cursus €39.

De compactcamera is een beetje een ondergeschoven kindje. De camera voor ‘huisvrouwen’. Wellicht zit hier een kern van waarheid in, vooral omdat hij ‘compact’ is, maar als je er mee weet om te gaan, kun je er fantastische resultaten mee behalen. Natuurlijk zijn er verschillen met de digitale spiegel reflex, maar er zijn legio gebeurtenissen te noemen waarbij je met een compactcamera verder komt dan met een digitale reflex camera.
Waarom een digitale spiegelreflex?
Waarom een digitale spiegelreflex. Wat zijn de grote voordelen van een digitale spiegelreflex ten opzichte van een digitale compactcamera.
Welke instelling geeft de beste kwaliteit en waarom?
Iets over resolutie en bestandskwaliteit. De verschillen tussen standaard, fine en super-fine als het gaat om het opslaan van de foto’s. Wat is een RAW-bestand en wat geeft dat voor voordelen.
Iets over (zoom)objectieven, sluitertijden e.a.
Een korte inleiding over sluitertijd en diafragma, groothoek en teleobjectief. Vóór en nadelen van zoomobjectieven en/of objectieven met een vast brandpunt.
Scherp, scherper en minder scherp
Wat is scherptediepte, en waar hangt deze vanaf. Iets over scherptediepte,
scherpte en diafragmaopening.
De belichtingsautomatiek
Maken we gebruik van de (vol)automatische belichtingsprogramma’s, gebruiken we sluitertijd-voorkeuze of diafragma-voorkeuze of valen we toch maar terug op de handinstelling?
De witbalans
De witbalans, wat houdt het in? Gebruiken we de automatische witbalans (AWB), één van de voorgedefinieerde instellingen (kunstlicht, TL-licht, e.a.) of maken we zelf een witbalans voor verschillende verlichtingsomstandigheden.
Iets over de “gevoeligheid” of ISO-waarde, wat betekent het?
In het kort iets over ISO-waarden. We horen altijd dat een hoge ISO-waarde “ruis” geeft. Hoe ontstaat deze, en in hoeverre hebben we er last van?
De invulflits
Invulflits, wanneer gebruiken we het en wat moeten we instellen?
Flitsen, of toch maar niet......?
Voordelen en nadelen van de ingebouwde flitser. Wat zijn de voordelen van een losse flitser. Wanneer gebruik je een flitser en wanneer een hoge(re) ISO-waarde of een combinatie van beiden?
Voor- en nadelen van de compactcamera.
Als voordelen kunnen we zeker de compactheid noemen. Je neemt ‘m veel eerder mee, het past altijd wel in een jaszak, colbert of handtas en je kunt er verdraaid mooie dingen mee maken.
Nadelen, of als je het liever over “beperkingen” ten opzichte van een digitale spiegelreflex zijn er zeker ook. Geen verwisselbare objectieven, het gebruik bij hogere ISO-waarden is beperkt en het gebruik van losse flitsers is minder handig. Maar laten we eerst eens gaan kijken hoe we onze compactcamera er uitziet en wat deze allemaal aan boord heeft.
Het pixelverhaal.
De ontwikkeling van de digitale camera is razendsnel gegaan. Had een topmodel van 6 jaar geleden maar liefst 3 miljoen pixels, dat aantal is ondertussen verviervoudigd. En dat alles voor een prijs die je ook door vier kunt delen. Daarnaast is ook de kwaliteit per pixel verbeterd. Kleuren zijn mooier geworden, de ruis is minder, de scherpte is hoger en ga zo maar door. De vraag is alleen of je nu zo nodigd 10 miljoen pixels of meer nodig hebt om een mooie foto te kunnen maken. Het antwoord luidt “NEE”. Voor de meest gebruike fotoformaten van 10x15cm, 13x18cm of af en toe een 20x30cm is een 4 of 5 megapixelcamera meer dan voldoende. Ga dus niet direct je je digitale compactcamera van 2 jaar oud inruilen voor een nieuwe alleen omdat ‘ie meer pixels heeft.
Neem een keer de moeite om de handleiding te lezen.
Niemand wil de moeite nemen om een handleiding te lezen. Logisch, maar niet altijd even praktisch. Neem er een keer de moeite voor. Je hoeft niet alles te onthouden, maar je onthoudt vaak wel dat een bepaald onderwerp wél in de handleiding behandeld is zodat je het gemakkelijk terug kunt zoeken.
Wat betekenen alle kreten.
We worden doodgegooid met allerlei dure kreten. Resolutie, fine of super-fine, vivid colors, witbalans, e.a. We vinden vaak diverse standen zoals P(programma), A(utomatisch), M(anuel), (S)luitertijd voorkeuze en (A)perture of diafragmavoorkeuze. ISO en auto-ISO, de “Groene stand” etc. Camera’s worden steeds meer computers, gaan we zelf sluitertijd en lensopening instellen óf laten we alles volautomatisch doen.
Gelukkig zul je het fotograferen toch echt zelf moeten doen!
Iets over sluitertijden en diafragma (lensopening).
We houden het stukje fotografie liefst zo simpel mogelijk, maar een klein beetje achtergrondinformatie is handig om te weten waarvoor je moet oppassen en waarom je soms toch maar beter een flitser kunt gebruiken.
De resolutie en de kwaliteit van de foto’s.
Er is een duidelijke verschil tussen de resolutie én de kwaliteit waarin je de foto’s opslaat. De resolutie is het aantal pixels van de foto. Vaak kun je fotograferen in de hoogste resolutie (bijvoorbeeld 6 miljoen pixels bij een 6 megapixelcamera), maar kun je ook kiezen voor 3 miljoen pixels, 1,5 miljoen pixels etc. De kwaliteit zegt iets over de compressie van de foto’s. Hoe meer een foto gecomprimeerd (verkleint) wordt, des te meer foto’s passen er op een geheugenkaartje. Maar compressie gaat wel ten koste van de uiteindelijke kwaliteit. Aan we hand van een aantal voorbeelden gaan we eens bekijken waarvoor je het beste kunt kiezen.
Iets over flitsen en invulflits.
Iedereen kent wel die lelijke flitsfoto’s. Uitgebeten witte gezichten en een pikzwarte achtergrond. Hier is ook niet altijd evenveel aan te doen. Maar iedereen kent ook die buitenportretjes met diepzwarte ogen omdat die in de schaduw liggen. Hier is wél wat aan te doen. Iets over invulflitsen.
Rode ogen reductie, wat doet het en waarom werkt het soms niet?
Een nadeel van een ingebouwde flitser is dat het flitslicht recht in de camera terugkaatst met de beruchte “rode ogen” als resultaat. Wat kunnen we doen om dat effect te verminderen?
Mijn flitsfoto’s zijn zo lelijk, kan ik hier wat aan doen?
Flitsfoto’s met een ingebouwde flitsers zijn altijd een moeilijk punt. Niet altijd kun je hier wat aan doen om dat te verbeteren. Een paar tips kunnen soms helpen.